omgaan met informatie

Download Omgaan met informatie

Post on 27-May-2015

588 views

Category:

Education

4 download

Embed Size (px)

DESCRIPTION

hulpverlening voor graduaat orthopedagogie

TRANSCRIPT

  • 1. Rudy Nijs 2012-2013 1

2. Inleiding Deel 1: Hulpverleningsproces Deel 2: Diagnose en rapportage Deel 3: Sociale kaart 2012-2013 2 3. Die wilt komen in myn Zaelen Mag niemands Gebrek verhaelen 2012-2013 3 4. 1. Omgaan met informatie 2. Juridisch kader 3. Hulpverleningsrelatie 4. Een relatie tussen mensen 2012-2013 4 5. 1.1. Verzamelen van informatie 1.2. Doorverwijzen naar 2012-2013 5 6. Verzamelen Analyseren Bespreken Doorgeven Clinten Andere betrokkenen Professionelen 2012-2013 6 7. Op basis van de verzamelde informatie kan men de clint doorverwijzen naar een aangepaste hulpverleningsvorm (= kennis en gebruik van de sociale kaart) 2012-2013 7 8. Wet op het beroepsgeheim Wet op het schuldig verzuim 2012-2013 8 9. 3.1. Wat 3.2. Kenmerken 2012-2013 9 10. Een hulpverleningsrelatie ontstaat op het moment dat iemand een probleem heeft dat hij (alleen of samen met zijn onmiddellijke omgeving) niet meer kan oplossen. Er is dus andere (professionele) hulp nodig 2012-2013 10 11. Ongelijkheid / afhankelijkheid Intimiteit Vertrouwen geven en krijgen Een begin en een einde 2012-2013 11 12. In de hulpverlening gaat het altijd over een relatie tussen mensen. Het is daarom belangrijk dat we als hulpverlener voldoende kennis hebben over de mens in al zijn facetten Elke mens bestaat uit verschillende onderdelen. Aan elk onderdeel zijn mogelijkheden en beperkingen verbonden. 2012-2013 12 13. Lichaam Motorisch Hersenen Mogelijkheden en vaardigheden Cognitief Emotioneel Sociaal motivatie Voorgeschiedenis: elk individu is geen onbeschreven blad. Men heeft een voorgeschiedenis met positieve en negatieve gebeurtenissen Veerkracht 2012-2013 13 14. Materile context: Huisvesting: woning, buurt, Financieel : administratief Sociale context: Gezin, partner, alleenstaand Breder netwerk: familie, vrienden, Maatschappelijke context: de Westerse maatschappij 2012-2013 14 15. De persoonlijkheid van de mens is moeilijk te definiren. Het is het resultaat van de interactie van de verschillende onderdelen van de mens met zijn context Is de wijze waarop de mens zich presenteert aan en gepercipieerd wordt door de anderen 2012-2013 15 16. 5. Probleem - hulpvraag 6. Probleemanalyse = diagnose 7. Antwoord = aanbod 2012-2013 16 17. 5.1. Wat 5.2. Oorzaken 5.3. Betrokkenen 5.4. Probleemontwikkeling 2012-2013 17 18. In de orthopedagogische hulpverlening hebben we te maken met hulpvragen vertrekkend van een opvoedings- of begeleidingsprobleem. Deze problemen verstoren het gewone levenspatroon van de betrokkenen 2012-2013 18 19. We zien verschillende oorzaken: Objectieve: Een aangeboren handicap Een niet aangeboren handicap (NAH) Subjectieve: het gaat hier over de beleving door de betrokkenen: Beleving van een objectief probleem Beleving van een andere situatie (zonder een aantoonbare oorzaak) 2012-2013 19 20. Hulpvrager Rechtstreeks Clint Clintsysteem Onrechtstreeks Verwijzende/plaatsende instantie Andere (school, werk, Hulpverlener Organisatie met professionele/vrijwillige medewerkers Zelfstandige hulpverleners 2012-2013 20 21. Begin van een probleem: Acuut: vb. de geboorte van een kind met een handicap Chronisch: een opvoedingsprobleem, een verslaving Tussenvormen Een probleemaanvoelen ontwikkelt in fasen: In een eerste fase gebeurt dit meestal zonder dat de hulpverlening formeel betrokken wordt In een volgende fase wordt de professionele hulpverlening geconsulteerd Nadien blijft een goede samenwerking tussen het netwerk en de professionele hulpverlening belangrijk 2012-2013 21 22. Fase 1: Ik heb een probleem of anderen vinden dat ik een probleem heb: motivatie om het probleem aan te pakken Fase 2: waar kan ik terecht: sociale kaart Fase 3: probleemanalyse: eerste diagnose Fase 4: doorverwijzing naar een concrete organisatie 2012-2013 22 23. Vlaams agentschap voor personen met een handicap (vroegere Vlaams Fonds) Bijzondere Jeugdbijstand Psychiatrische hulpverlening Algemeen Welzijnswerk Kind en Gezin OCMW 2012-2013 23 24. Ambulant Dagcentrum / semiresidentieel Residentieel Andere 2012-2013 24 25. In de concrete organisatie zal er gewerkt worden aan een planmatig en methodisch antwoord voor het aangemelde probleem Start van de hulpverlening: aanmelding kennismaking Intake: eerste diagnose Diagnostisch proces: concretiseren van de hulpvraag Planning: bepalen van doelstellingen en middelen Uitvoering Evaluatie en nieuwe diagnose Nieuwe planning en uitvoering 2012-2013 25 26. 8. Orthopedagogische diagnose 9. Wie werkt mee aan de diagnose 10. Hulpmiddelen 11. wet op het beroepsgeheim 12. Observatie en interpretatie 13. Rapportage 2012-2013 26 27. 8.1. Wat loopt er fout 8.2. Het gaat over een interactioneel en dynamisch proces 2012-2013 27 28. In de ortho(ped)agogische hulpverlening gaat het om probleemsituaties die te maken hebben met opvoeding en begeleiding. Het betekent dat het opvoedings - of begeleidingsproces omwille van bepaalde redenen verstoord is 2012-2013 28 29. In een pedagogische situatie hebben we te maken met drie factoren: Kindfactoren * Ouderfactoren ** Contextfactoren *** 2012-2013 29 30. Biologisch constitutionele eigenschappen Intelligentie Temperament Handicaps Eigenaardigheden 2012-2013 30 31. Biologisch constitutionele eigenschappen Intelligentie Temperament Handicaps Eigenaardigheden Vaardigheden Opvoedingsgeschiedenis Leefsituatie (relationeel, financieel,) 2012-2013 31 32. Ondersteuning door familie, vrienden, (informele netwerken) Woonsituatie (huisvesting, buurt, ) Algemeen aanbod in de omgeving van het gezin (onderwijs, vrije tijd, gezondheid,) 2012-2013 32 33. We spreken van een pedagogische risicosituatie als de drie factoren negatief op mekaar inspelen en versterken Een alleenstaande, werkloze moeder met een kind met zware eetproblemen in een achteruitgestelde buurt Een koppel met twee kinderen. Beide ouders hebben werk maar ook voldoende tijd voor hun kinderen. Ze wonen in een groene, kinderrijke buurt met een groot aanbod van speelmogelijkheden. 2012-2013 33 34. Het zelfregulerend mechanisme van de opvoeding betekent dat er in de meeste risicosituaties toch nog voldoende krachten zijn die een positieve invloed kunnen hebben op de opvoeding. We noemen dit de protectieve factoren De belangrijkste protectieve factoren zitten in het netwerk rond het gezin In de hulpverlening is het de bedoeling om deze protectieve factoren te versterken 2012-2013 34 35. Interactioneel: het gaat over de relaties of interacties tussen mensen. Deze interacties zijn dusdanig verstoord dat extra ondersteuning nodig is Dynamisch: dit betekent dat de probleemsituatie een fasisch verloop kent: Ontwikkeling van de betrokkenen Evolutie in de beleving Niet gestroomlijnd 2012-2013 35 36. In functie van de specifieke probleemsituatie kunnen meerdere disciplines bij de diagnose (en de verdere hulpverlening) betrokken worden: Opvoeder/begeleider Orthopedagoog / psycholoog Artsen Paramedici (kin, logo, ergo) Maatschappelijk werkers 2012-2013 36 37. Ook de gebruikte hulpmiddelen variren naargelang het aangemelde probleem. Enkele voorbeelden: Opvoeder/begeleider: observatie, gesprekken, activiteiten, Orthopedagoog / psycholoog: psychodiagnostische testen, observatie, gesprekken, Artsen: medische diagnostische hulpmiddelen, Paramedici (kin, logo, ergo): technische hulpmiddelen,observatie, activiteiten, Maatschappelijk werkers: gesprekken,observatie, 2012-2013 37 38. 11.1. Wat 11.2. Het verzamelen van gegevens 11.3. Het doorgeven van gegevens 11.4. De wet op het schuldig verzuim 2012-2013 38 39. De wet op het beroepsgeheim beschermt iedereen tegen het zomaar verzamelen van allerlei informatie over de persoon in kwestie: recht op de bescherming van de persoonlijke levenssfeer van burgers Drie belangrijke aspecten No invasion (binnendringen) of the privacy: niet binnendringen in de persoonlijke levenssfeer No divulgation (onthullen) of the privacy: niet bekendmaken van het privleven aan derden Need to know en nice to know 2012-2013 39 40. In functie van het hulpverleningsproces worden door de hulpverlener van bij de start en in de loop van de hulpverlening gegevens verzameld over de hulpvrager (en zijn omgeving) 2012-2013 40 41. Gerechtvaardigde doelstellingen Niet meer dan nodig Kwaliteit van de gegevens Beveiliging van de gegevens 2012-2013 41 42. Op voorhand op de hoogte Expliciete of impliciete toestemming Toegang tot de verzamelde gegevens Onjuiste gegevens moeten worden verbeterd Klachtenrecht 2012-2013 42 43. Algemeen gekende Geheime Gevoelige gegevens (politieke overtuiging, seksuele geaardheid,) Gezondheidsgegevens (gezondheidstoestand van de persoon) Gerechtelijke gegevens (verdenkingen, veroordelingen, In de hulpverlening verzamelen we gegevens van de clint (algemeen gekende, geheime en voor de clint vertrouwelijke informatie) maar in veel situaties verzamelen we ook gegevens van betrokken derden: Gezin en familie (residentieel): groepsgenoten Derden 2012-2013 43 44. Soms krijgen we gegevens zonder dat we dit willen of strikt gezien mogen (familie, buren, werkgever, ) Irrelevante informatie (roddel) Belangrijke informatie 2012-2013 44 45. Het betreft hier informatie die wordt opgevraagd door derden 2012-2013 45 46. Het principe is dat we geen informatie over de clint(systeem) doorgeven aan derden, waarmee we geen professionele relatie hebben Wat met: Onmiddellijk betrokkenen (partner, ouders, kinderen School / werk 2012-2013 46 47. Over welke gegevens gaat het ? Individuele clint Gezins-/groepsgegevens Interne en externe samenwerking: afhankelijkheid, gezamenlijke verantwoordelijkheid, bezorgdheid Erkenning en subsidiring door de overheid: hoever mag contr